
In het kort: de terugverdientijd van een warmtepomp is de netto investering gedeeld door de jaarlijkse kostenbesparing. Er is geen vast aantal jaren dat voor iedere woning geldt. In het uitgewerkte hybride rekenvoorbeeld hieronder komt de uitkomst op ongeveer 8,4 jaar. Dat is een rekenscenario, geen voorspelling voor jouw huis.
Je ziet precies welke aannames zijn gebruikt en wat een andere stroomprijs doet. Wil je weten welke installatie bij jouw woning past? Bespreek jouw situatie met Kesler Verduurzaming. Wij adviseren en bemiddelen naar een passende uitvoerende specialist.
Eenvoudige terugverdientijd = netto investering ÷ jaarlijkse netto kostenbesparing.
De netto investering is de complete aanschaf en installatie min de toepasselijke subsidie. De besparing is de vermeden gaskosten min extra elektriciteit en extra onderhoud. Vaste gaskosten tel je alleen als voordeel mee als de gasaansluiting daadwerkelijk vervalt. Bij hybride blijft die aansluiting bestaan.
Deze eenvoudige methode houdt energieprijzen en gebruik gelijk. Ze rekent niet met rente, toekomstige vervanging, waardestijging van de woning of veranderende tarieven. Voor een uitgebreidere vergelijking moet je ook die posten beoordelen.
We vergelijken een bestaande cv-installatie met een hybride uitbreiding. Warm tapwater blijft in dit voorbeeld bij de cv-ketel en wordt buiten de vergelijking gehouden. We nemen geen verandering van comfort of stookgedrag aan.
| Aanname | Waarde in dit voorbeeld |
|---|---|
| Gas voor ruimteverwarming vóór de overstap | 1.200 m³ per jaar |
| Deel van de verwarmingsvraag overgenomen door de warmtepomp | 75% |
| Veronderstelde nuttige warmte per m³ gas | 8,8 kWh |
| Aangenomen seizoensrendement warmtepomp | 3,5 kWh warmte per kWh stroom |
| Rekentarief gas | € 1,35 per m³ |
| Rekentarief stroom | € 0,30 per kWh |
| Aanschaf en installatie | € 6.200 |
| Voorbeeldsubsidie bij passend toestel en voorwaarden | € 2.125 |
| Extra onderhoud ten opzichte van de oude situatie | € 50 per jaar |
De energieprijzen zijn gekozen rekenwaarden inclusief belastingen en btw, geen actuele gemiddelde tarieven. Het rendement, de gasvervanging en het onderhoudsverschil zijn eveneens aannames. Het subsidievoorbeeld hoort bij een eerste lucht-waterwarmtepomp van 4 kW met A+++-label in 2026; het is geen vermogensadvies voor deze woning.
75% van 1.200 m³ is 900 m³ gasbesparing. Voor ruimteverwarming blijft 300 m³ gas over. De vermeden gaskosten zijn 900 × € 1,35 = € 1.215 per jaar.
De warmtepomp levert in het voorbeeld 900 × 8,8 = 7.920 kWh warmte. Bij het aangenomen seizoensrendement van 3,5 vraagt dat 7.920 ÷ 3,5 = ongeveer 2.263 kWh extra stroom. Tegen € 0,30 per kWh kost dat ongeveer € 679.
Let op: bij 75% gasvervanging bereken je ook het stroomverbruik voor dat overgenomen deel. Reken niet met de stroom voor 100% van de warmtevraag en de gasbesparing voor slechts 75%.
De jaarlijkse kostenbesparing is € 1.215 − € 679 − € 50 = afgerond € 486. De netto investering is € 6.200 − € 2.125 = € 4.075.
€ 4.075 ÷ ongeveer € 486 = circa 8,4 jaar. Dit voorbeeld laat de rekenwijze zien. Voor jouw woning kunnen investering, rendement, onderhoud en gebruik anders zijn.
Met dezelfde overige aannames en gasprijs geeft alleen het aanpassen van de stroomprijs al een flink verschil:
| Rekentarief stroom | Jaarlijkse netto besparing | Eenvoudige terugverdientijd |
|---|---|---|
| € 0,25 per kWh | Circa € 599 | Circa 6,8 jaar |
| € 0,30 per kWh | Circa € 486 | Circa 8,4 jaar |
| € 0,40 per kWh | Circa € 260 | Circa 15,7 jaar |
Dit zijn scenario’s, geen prijsverwachtingen. Reken ook met een andere gasprijs, een lager rendement en een andere gasvervanging. Bij nul of negatieve jaarlijkse besparing bestaat er in deze eenvoudige berekening geen terugverdientijd.
Bij volledig elektrisch moet de berekening ruimteverwarming én warm tapwater omvatten. Neem daarbij het verwachte verbruik van elektrische bijverwarming en relevante hulpenergie mee. Gebruik niet zonder onderbouwing hetzelfde rendement voor verwarming op lage temperatuur en voor warm tapwater.
Besparing op vaste gaskosten mag je pas meetellen als je ook koken en andere gastoepassingen hebt opgelost en de aansluiting daadwerkelijk beëindigt. Zet eventuele eenmalige aanpassingskosten in de investering. Zo vergelijk je de volledige oude en nieuwe situatie.
Dat hangt af van je alternatief. Kan je huidige ketel nog mee, dan vergelijk je de warmtepomp met doorgaan met die installatie. Moet de ketel worden vervangen, dan kun je ook de meerinvestering ten opzichte van een nieuwe cv-oplossing berekenen. Vermeld duidelijk welke vergelijking je maakt.
Isolatie kan de warmtevraag verlagen en de mogelijkheden voor een warmtepomp verbeteren. Schrijf de gasbesparing door isolatie niet volledig toe aan de warmtepomp. Vergelijk óf het totale maatregelenpakket met de oude situatie, óf de warmtepomp met dezelfde woning nadat die is geïsoleerd.
Begin bij de kosten van een warmtepomp en de actuele subsidie-uitleg. Voor de technische randvoorwaarden lees je of jouw woning geschikt is en wat bestaande radiatoren kunnen betekenen.
Eigen zonnestroom is niet zonder meer gratis en is niet op ieder verwarmingsmoment beschikbaar. Kijk naar gelijktijdig gebruik en de opbrengst die je anders voor die stroom zou ontvangen. Een dynamisch tarief vraagt eveneens een berekening van de uren waarop de installatie werkelijk stroom gebruikt. Reken niet het hele jaar met alleen de goedkoopste uren.
Een gunstige terugverdientijd begint bij een passende installatie en een controleerbare offerte. Vraag welke aannames de uitvoerende specialist gebruikt en vergelijk ook een minder gunstig scenario. Kesler helpt je de adviesroute en vervolgstappen bepalen. Bespreek jouw woning en warmtepompplannen.
Nee. Hybride vraagt vaak een andere investering, maar houdt gasverbruik en de gasaansluiting. Vergelijk complete scenario’s voor dezelfde woning en hetzelfde comfort.
Een COP bij één testpunt is geen gegarandeerd jaarrendement. Vraag naar een onderbouwde seizoensinschatting bij de watertemperatuur en het gebruik van jouw installatie.
Financiering spreidt de betaling, maar verandert de installatiebesparing niet. Rente en kosten horen in een uitgebreidere financiële vergelijking en kunnen de totale lasten verhogen.
Bijgewerkt op 19 oktober 2026. Alle uitkomsten volgen uit de genoemde aannames; bedragen zijn afgerond. De berekening gebruikt voor gas 8,8 kWh nuttige warmte per m³ als vereenvoudigde aanname. Subsidie moet voor de werkelijke installatie afzonderlijk worden gecontroleerd.